Interview Mirjam Everhard
Diane Kooistra las de Inspecteur Holländska-trilogie van Mirjam Everhard en legde daarna de auteur een aantal vragen voor.
In dit openhartige interview vertelt de auteur over haar liefde voor Zweden, haar jarenlange betrokkenheid bij het boeddhisme en de weg die leidde tot het schrijven van de Inspecteur Holländska-trilogie. Ze spreekt over research, inspiratiebronnen, personages die haar zijn bijgebleven en haar nieuwe thrillerproject waarin technologie en spanning samenkomen. Een gesprek vol passie, wijsheid en schrijversplezier.
Wil je je voorstellen aan onze lezers?
Ik ben geboren en getogen in de Zaanstreek en houd mij bezig met het boeddhisme. In 2017 kwam ik hiermee in aanraking en volgde ik een driejarige opleiding toegepaste boeddhistische psychologie, die ik succesvol heb afgerond. Nog steeds neem ik deel aan retraites, cursussen en bijscholingen. Boeddhisme is inmiddels een lifestyle geworden. Getrouwd, moeder van twee volwassen zoons en oma van twee geweldige kleinkinderen. Fietsen en zwemmen doe ik graag, en niet te vergeten lezen — heel veel lezen. Inspecteur Holländska is mijn eerste thriller, en inmiddels is de serie compleet. Al meer dan veertig jaar breng ik jaarlijks een aantal weken door in Zweden, een land dat mijn hart heeft geraakt. Schrijven heb ik altijd met veel plezier gedaan, maar een boek kwam er nooit van. Na het volgen van diverse schrijfcursussen ontstond het idee om een thriller te schrijven. Zweden ken ik goed, dus de keuze voor een Scandinavische thriller was snel gemaakt. Het plaatsje Neläs, waar Maja (Inspecteur Holländska) woont en werkt, is gebaseerd op Sälen in Midden‑Zweden, waar ik al meer dan veertig jaar kom — zowel ’s zomers als ’s winters. Kömkoj is een fictieve plek in het noorden van Zweden. Een vriendin die daar al jaren een tweede huis heeft, gaf mij waardevolle tips. Ook heb ik mij verdiept in de Sámi‑cultuur.
Wat doe je als je niet aan het schrijven bent?
Ik ben gek op sporten in het water, met name aquapilates en aquavitaal. Verder doe ik één keer per week aan krachttraining en fiets ik veel. Eén dag per week pas ik op mijn twee kleinkinderen en daarnaast doe ik een paar uur per week mantelzorg. Ik ben lid van de Zaanse Schrijfkamer. Meestal komen we één keer per week samen met een groep schrijvers, bespreken we dingen waar we tegenaan lopen en wordt er die middag natuurlijk veel geschreven. Regelmatig volg ik cursussen en retraites, zowel online als live, over het zenboeddhisme. In het zomerseizoen verzorgde ik bij zwembad Het Zwet in Wormer de aquavitaallessen. Van 2023 tot en met 2025 werkte ik daar ook als receptioniste. Voor mijn novelle Het Laatste Schot was het zwembad een inspiratiebron. Er gebeuren daar dingen die het daglicht niet kunnen verdragen — hiervoor heb ik research gedaan bij een crime scene cleaner.
Welk personage naast Maja zal jou het langste bijblijven?
Ik vind alle personages leuk — slecht of goed, dat maakt niet uit — maar stiekem ben ik toch wel gevallen voor Winner.
Wat was het eerste dat je deed nadat je het allerlaatste woord van deze serie geschreven had?
“Zo, nu even helemaal niets wat met schrijven te maken heeft.” Maar al heel snel begon het weer te kriebelen.
Komt er echt geen vervolg? En waarom heb je gekozen voor drie delen?
Het is grappig dat het in eerste instantie een standalone zou worden, maar ik kreeg zo de smaak te pakken dat het uiteindelijk een trilogie is geworden. Het gebeurde gewoon, zonder erover na te denken.
Kun je iets vertellen over jouw ervaringen met de research? Kreeg je hulp en van wie?
Zelf kom ik al meer dan veertig jaar in Zweden, een land waar ik mijn hart aan heb verpand. Voor het fictieve plaatsje Neläs — eigenlijk Sälen — hoefde ik geen research te doen. Kömkoj is een fictieve plaats in het noorden van Zweden. Een goede kennis met een tweede huis daar hielp mij met de geloofwaardigheid van bepaalde details. Zo liet ik bijvoorbeeld een begrafenis binnen een week plaatsvinden, maar dat is in de winter niet gebruikelijk omdat de grond bevroren is. Soms vinden begrafenissen pas maanden later plaats. Er zijn wel crematoria in Zweden, maar lang niet zoveel als in Nederland. Ook had ik contact met de politiehondeneenheid van Noord‑Holland. Zij gaven mij informatie over het werk en gedrag van politiehonden. Daarnaast kreeg ik een rondleiding in het politiebureau van Zaanstad, waar een deel van Terugblik zich afspeelt. Mijn meelezers waren kritisch en wezen mij op fouten — daar heb ik veel aan gehad.
Welke boeken liggen in jouw vakantiekoffer?
Ik lees eigenlijk alleen boeken op mijn tablet — daar kan lekker veel op. De boeken van Martyn van Beek (Marit Vanström), mijn schrijfcoach, gaan uiteraard mee. Ik lees de Lianne Bloemen‑serie opnieuw. Ook zijn genoten serie met Jackie Laurijssen vind ik heerlijk om te lezen; zijn schrijfstijl spreekt mij enorm aan. Momenteel ben ik begonnen in De vroedvrouw van Auschwitz. Een zeer indrukwekkend boek.
Deze boeken spelen zich af in Nederland en Zweden. Welke landen zou je verder nog willen ontdekken en beschrijven in een boek?
Mijn nieuwe thriller waar ik nu aan schrijf speelt zich helemaal af in Nederland. Ik heb geen idee of er nog een boek komt dat zich in een ander land afspeelt. Soms ben ik maanden aan het broeden op een idee en plopt het ineens op — dan weet ik dat ik goed zit. Voorlopig ben ik druk aan het schrijven en focus ik daarop.
Ik las dat je zenboeddhisme bestudeert. Er verschijnen veel boeken rondom deze thema’s. Is het iets wat je ook zou willen verwerken in een non‑fictieboek?
Leuk dat je dat vraagt. Kleine stukjes over het zenboeddhisme heb ik verwerkt in mijn trilogie. Val, de collega van Maja, is boeddhist en vertelt haar wel eens iets waar ze niets van moet hebben. In het derde deel begint ze zich toch af te vragen of ze misschien eens een cursus moet volgen, omdat ze ziet hoeveel baat Val eraan heeft. In mijn nieuwe thriller komt het af en toe terug, zonder het expliciet te benoemen. De hoofdpersoon vraagt zich bijvoorbeeld af of kunstmatige intelligentie niet gewoon kunstmatig bewustzijn betekent. De moeder van de hoofdpersoon was een wijze vrouw, en onbewust heeft de hoofdpersoon veel van haar geleerd — onder andere ademhalingsoefeningen en niet meteen reageren vanuit de eerste impuls. De vorm van boeddhisme die ik beoefen, beoefen je in het dagelijks leven. Uren per dag mediteren is niet het doel. Draag het uit in je leven: luister naar mensen zonder oordeel, laat ze uitspreken, geef niet altijd jouw mening.
Wil je iets vertellen over jouw volgende schrijfproject?
Het manuscript waar ik nu aan werk gaat over een ethisch hacker. Plotseling valt de stroom en het internet uit in Nederland. Het hele land raakt in paniek. De hacker ontvangt vreemde berichten — terwijl dat onmogelijk zou moeten zijn. In een wereld vol cyberdreigingen is ethisch hacken cruciaal voor onze veiligheid. Maar wat als veiligheid slechts schijnveiligheid blijkt te zijn? Ik krijg vaak de vraag: hoe kan iemand die boeddhist is thrillers schrijven? Boeddhisme is niet zweverig. Mensen die het beoefenen zijn mensen zoals jij en ik. Ik ben opmerkzaam wanneer het schrijven niet lukt en geef de situatie niet de schuld. Het schrijven lukt niet — meer is het niet. Als ik er een oordeel aan koppel, krijgt het een heel andere lading: “Zie je wel, niemand vindt mijn boeken leuk,” of “Ik heb veel te veel aan mijn hoofd.” Ik probeer zo opmerkzaam mogelijk te zijn en geen oordeel te hebben. Moeilijk? Soms wel. Maar na bijna tien jaar is het een lifestyle geworden. Het hoort bij mijn leven. Het beoefenen van het boeddhisme is voor mij het leven zelf. Dus ja — een boeddhist kan heel goed thrillers schrijven.
Diane Kooistra
Passie voor Boeken
Vrouwenthrillers| Boeken & Leesinspiratie
